Een monopolaire naald doet alleen dienst als actieve elektrode. Er moet dus nog een oppervlakte elektrode worden geplakt als referentie. N.B. de referentie elektrode moet op de zelfde spier worden geplakt als waarin wordt getest. Spanningsverschil wordt dus gemeten tussen naaldtip en oppervlakte elektrode.
Een concentrische naald is een holle naald met een elektrisch geïsoleerde binnen naald of draad. De binnen kern ligt bloot aan één zijde van de naaldtip en fungeert als actieve elektrode, terwijl de schacht van de naald in zijn geheel referentie elektrode is. De spanningsverschillen tussen kern en schacht worden gemeten.
Bipolaire concentrische naald bevat twee kernen (binnen naalden of draden) die optreden als actieve en referentie elektroden. De schacht is in dit geval de aarde. Deze naald is de dikste van de drie en daarom het minst comfortabel. Wordt vooral gebruik in onderzoek en nauwelijks in de klinische setting.